Beenderenhuis

Kutna Hora

Dinsdag de 20ste juni zijn we inderdaad naar Sedlec vertrokken naar het Ossuarium, (ofwel het beenderhuis) om al die botjes en schedels te gaan bekijken. We vertrokken per fiets en dat hebben we geweten, grijnzzzz

Onze officiële nieuwe TomTom krijgen we niet op de ‘fiets’ route, dat stomme ding springt terug op ‘auto’. We snappen daar dus niets van. Maar goed, we hadden de route van de campingbeheerster gekregen en met 7/8 km zou het zo zijn dat we op plaats van bestemming aan zouden komen. Nu is het hier zo dat er nergens fietspaden zijn zoals in Nederland en soms rijd je voor je gevoel op de snelweg. Doodeng!! En oordoppen zijn dan geen overbodige luxe! 

Kaart lezen kan ik mijn leven lang al niet, die kaart staat altijd in spiegelbeeld bij mij. En door mijn dyslexie is het helemaal een ramp. Bloed nerveus word ik ervan als ik het gevoel krijg dat we verkeerd rijden. En dat gevoel had ik!!!!!…….

Dat bleek te kloppen, grommmm

Ruim 25 km hebben we gereden voor wij er eindelijk aankwamen. Gelukkig hele stukken prachtige natuur en rustige, maar ook stukken asfalt met dat helse verkeer. Ook hier toeteren de vrachtwagenchauffeurs als ze vrouwenbenen zien, en dat vlak achter je. Je schrikt je rot!! De mafkezen!! Maar goed, het waren er een paar, dus alle vooroordelen zijn weer eens bevestigd. Grijnzzzz ze moesten eens weten dat ik aan de voorkant al 63 ben, hahahahhaa

Terug naar de botjes en schedels. Het is een kleine Rooms Katholieke kapel. We zijn er geweest en het is bizar. Een klein kerkje wat vol staat met op allerlei manieren kunst van schedels, heupen, armen en beenbotten. Zoals in het vorige verslag al verteld, het zijn er vier tot zeventigduizend. Zelfs een kroonluchter was compleet gemaakt van menselijke ribben, schouders, schedels. In piramide vorm lagen vele duizenden kleine en grotere schedels. Het lijkt eerder op piraterij dan op religie. 

Een straat verder, ongeveer zo’n 200 meter, staat de unieke Kathedraal van de Tenhemelopneming van de Maagd Maria en St Jan (Johannes) de Doper in Sedlec, van oorsprong een kloostergemeenschap. Men noemde dit een communiteit. Van voor de Husietenoorlog in 1412 is er geen informatie over gebleven. En na die oorlog was deze gemeenschap, de communiteit, de uitputting nabij, doordat de economie ingestort was. Pas na 1618 werd er weer op kleine schaal een groeiende economie gestart, uiteraard geleid door de monniken.

Toch waren deze monniken niet geschikt voor het economische leven en bouwwerkzaamheden aan het klooster, er was wanorde tussen de abts. De kathedraal heeft veel meegemaakt op het gebied van bouwen en verbouwen. Er hebben heel veel verschillende architecten hun brood mee verdiend, maar het niet kunnen afmaken. Pas in de tijd van de Oosterijkse keizer Jozef ll werd het klooster gesloten en de kathedraal ontwijd en afgesloten.

In 1806 werd de kerk weer een parochie kerk. En het kloostergebouw werd in 1812 een tabaksfabriek. In 2009 was er een uitgebreide renovatie in de kathedraal. En in de lente van 2009 kwam het ook op de lijst van Wereldgoed Unesco.

  

Binnen in die kerk kijk nu je ogen uit. Prachtig houtsnijwerk, o.a. van de biechtstoelen, hele grote schilderijen, uiteraard allemaal over de religie. Heel veel mooie beelden. En ook nog enkele schedels van monniken (4) die in de 14de eeuw in de oorlog van dat moment op een beestachtige manier gedood zijn. Ik ben zelfs helemaal boven geweest op het zijschip van de kerk. Je keek door de richel van de onderste dakpannen zo naar buiten. Het is imposant hoe men vroeger werkte, je ziet op de foto rondingen van de gemetselde koepels, die dan weer in de kerk prachtig zijn afgewerkt.

Ook waren er twee glazen lijkkisten waar Doornroosje en Sneeuwwitje niet in lagen. Maar ene Vincent en Felix. Als een relikwie-schijn lagen ze daar te liggen. Ook het Maria altaar en diverse andere prachtige gedenkhoeken laten de foto’s jullie een idee geven hoe het er daar van binnen uit zag. Ook een prachtig plafond beschildering ontbreekt er niet. 

Nadat we van dit alles bekomen waren, zijn we een hapje gaan eten. Daar hetzelfde probleem, niemand verstond Engels. 

Maar dat had ik gauw opgelost. Ik heb een hotspot op de telefoon, uiteraard mijn tablet mee, en zocht naar de ‘vertaler’, en zo wisten we wat we op ons bord kregen. Het smaakte heerlijk en ook het biertje. De terug rit ging sneller, grijnzzz, stukje berg op en daarna heel lang een bergje af en in 8 km!

Dit was een vermoeide warme dag, 30 graden, maar zeker de moeite waard om dit te hebben kunnen ondernemen!