Heftige storm

Onze vrienden uit Friesland zijn alweer bijna een week thuis. Wat gaat de tijd toch verschrikkelijk snel. Maar nemen voor vrienden alle tijd, zeker als het bere gezellig is.

Nu ik het over ‘alle tijd nemen’ heb,….. we lopen hartstikke achter op de ons zo goed bedoelde planning. We dachten thuis dat we de Kerst in Portugal zouden vieren, samen met andere vrienden, die ook uit Friesland kwamen, grinnik!

—————————————————————————————————————————

Je mag in mijn gastenboek reageren……..

KLIK OP

http://doegiedoegiede.nl/gastenboek/

—————————————————————————————————————————

Maar nu, de 31ste januari, zitten we nog steeds in Spanje. Hoewel we aan de grens van Portugal, waar we nu zitten, enkel het pontje maar over hoeven te steken met de fiets, of met de auto de brug 2 kilometer verder kunnen nemen. Hemels breed ligt Portugal een kilometer of 3 hier vandaan.  Als we hier in Spanje, in het dorpje Isla de Canela op de pier staan, kunnen we de twee hoge flats van Monte Gordo zien staan bij helder weer. Maar we kiezen ervoor om hier nog even te blijven. Dit vanwege onze hobby met de metaaldetector, we mogen namelijk niet in Portugal zoeken.

Ik vind het prima want we hebben weer ruige kilometers achter de rug. Zelfs tweeledig, èèrst voor de storm ‘Dana’ vertrokken uit Torre del Mar. We hadden daar afgelopen zondag afscheid van vrienden genomen, die daar in een mooi appartement verblijven. Rond de klok van twaalf gingen we op pad richting Sevilla.

Al gauw kregen we bericht uit Torre del Mar, dat er een heftige storm was uitgebroken. (Wij zaten inmiddels zèlf ook in de regen met harde wind op de snelweg). Het was in Torre del Mar zelfs zo plotseling en heftig, dat klanten die op dat moment op een boulevardterrasje zaten te genieten van een hapje en een drankje, dat ze compleet verrast werden door de storm, waardoor de uitbaters hun klanten vroegen mee te helpen om de windschermen en parasols vast te houden. Mijn vriendin Gaby schreef dat we zoveel geluk hadden gehad om weg te zijn en zij hoopte dat we onderweg niet te maken zouden krijgen met zo’n storm als dat zij daar hadden. Wij zijn er gelukkig goed door heen gekomen! 

Later bleek er s’ avonds nog een heftige storm over Torre del Mar geweest te zijn.  Hopelijk heeft de camping en de campinggasten, waar wij twee weken gestaan hebben, niet te veel schade ondervonden. 

Door het slechte weer wat wij onderweg hadden, zijn we niet doorgereden maar halverwege gestopt bij Conil de la Frontera. En hoopte daar een rustige nacht te krijgen. Zoals op de foto’s te zien is was en werd de lucht ook daar steeds zwarter. Het was een prachtig mooi dorp, gebouwd tegen de helling, waarvan de meeste  huizen spierwit waren. Er was een gigantes groot strand en wij dachten dat we goed zaten.

Dus niet!!!!! We hebben hèle harde wind gehad. En ook al stonden met de kont in de wind met onze ‘villa’, figuurlijk zaten we gewoon in een schommel! Wat is dat eng!! Ook al hadden we campers naast ons met 1 open plaats er tussen, waardoor we een beetje beschut stonden. Je durfde ook niet te gaan rijden! We hebben die nacht nauwelijks geslapen. En er waren er meer die op waren. Af en toe gingen we eruit om te kijken en te voelen hoe hevig het buiten was. Ook voor ons om even de benen te strekken, want inmiddels hadden ons dak allang naar beneden moeten halen vanwege deze heftige storm. De ruimte waarin we zitten word dan wel heel erg benauwd en klein. Tegen een uur of zes/zeven in de ochtend was het niet beter en je zag de ene camper na de andere vertrekken. Twee hele grote campers stonden zes plaatsen verder, die bleven gewoon staan en om zeven uur vertrok ook onze Oostenrijkse buurman. Ook hij had een klein campertje. Doordat we nu alleen en vol in de wind stonden, schudde de auto nog erger. En we besloten ook maar naar een andere, meer beschutte plek te gaan zoeken. Zo snel we konden hebben we de spullen die voor op de stoelen stonden, met een half gebogen lichaamshouding naar achteren gedropt. Niets konden we neerleggen zoals het hoorde, het was een grote puinzooi achterin. Maar dat interesseerde ons niet echt op dat moment. Ik kon achter het stuur en Tom zat achter tussen de rotzooi om alles vaste houden. Dit voor de gaten en drempels voor iedere rotonde en de felle windvlagen. Ik ben het dorp ingereden, beschermd door de woningen waren we daar de harde wind kwijt, en ook de weg…….kreunnnn. Ik ben door hele nauwe steegjes gereden en was blij dat we zo’n kleine camper hebben. Een grote had er absoluut niet doorheen gekomen. Het werd rond 8 uur ook spits in het dorp, vele auto’s reden door het dorpje heen en ik besloot ze maar te volgen. Zij zouden beslist buiten dit dorp moeten werken. Een goede zet was dit! En we kwamen hierdoor ook bij een grote parkeerplaats aan, waar ik direct de auto neergezet heb. Compleet windstil! Ingebouwd door woningen en een steile wand van en heuvel. Uiteraard was het niet vlak, maar we stonden redelijk goed. Daar hebben we de spullen, zoals tafel en stoelen en een paar kisten gewoon buiten neergezet. En ons even ontstresst. We hebben koffie gemaakt en een snee brood gegeten. Soms zagen we andere mensen komen die gauw hun auto pakte om ook te gaan werken. Daarna hebben we de spullen weer zo gezet dat alles weer veilig op zijn plek stond. De TomTom ingesteld en zijn weer gaan rijden. Met blijkbaar een voorgevoel keek ik op het dashboard hoe het zat met de olie en zag dat deze bijgevuld moest worden. 

Ik wist ook dat de autobanden nagekeken moesten worden of ze nog hard genoeg waren. Eerder bleek dat er twee te zacht waren. Dus als we onderweg een pomp station tegen zouden komen hadden we even ander ‘werk’. 

We werden al gauw beloond en konden de banden oppompen en olie bij vullen. De olie die ik bij me had, daar kon ik niet bij. Dus dat werd een nieuwe flacon kopen. En ik hoopte dat de pomphouder wel wist welke er in moest. Ik niet!! En Tom helemaal niet. Het zal vast wel in het boekje staan van de auto, maar ik vertrouwde de pompbediende wel. Het was een oudere man. Verstaan konden we elkaar niet, helaas, maar ik liep naar de olieflacons en met hand bewegingen snapte hij al zeer snel wat ik wilde. En zoals ik al zo vaak meegemaakt heb met de Spaanse mentaliteit, de man deed zijn uiterste best. Hij kreeg alleen mijn motorkap niet open, ik wel, ik kreeg de oliedop niet los, hij wel… en hij goot de olie erin nadat ik eerst de pijlstok er uit trok en controleerde. Hij begreep dat er voor de helft maar olie in moest. Daarna weer even controleren en alles was okee, ppffff……We konden weer op pad. 

En met een voldaan en een tevreden gevoel reden we rond de klok van negen dat winderige maar prachtig dorpje uit, weer richting Sevilla. Na anderhalf uur met nu een prachtige zon opkomst, begon ik te merken dat ik last kreeg van vermoeidheid. Mijn concentratie werd minder. We besloten, nadat ik Tom dit vertelde, om koffie te gaan drinken bij het eerste beste pompstation. En de benen even te strekken. Na de slapeloze nacht ging het me niet echt goed af. We pakte ook onze telefoon weer op om te zoeken naar een slaapplek, want doorrijden richting Portugal zat er op dat moment absoluut niet in!!!!

 

Wat betreft het landschap, waar we doorheen reden, was weelderig groen, echt prachtig. Geen hoge viaducten meer. Geen hoge bergen meer. Wij hebben in Nederland hagen voor de afscheiding van elkaars grond. Hagen van coniferen of liguster of gewone berken òf prikkeldraad. Hier in Spanje in de provincie Andalusië zijn de afscheidingen van cactussen.

In het begin en van verre dachten we dat het krom droog hout was. Tot we dichterbij waren en tot onze verbazing zagen dat het grote cactussen waren. De meeste donkerbruin en afgestorven, (vandaar dat we dachten dat het krom hout was) vooral tussen de weilanden. Daar zagen we voor het eerst in Spanje,, in een omgeving met veel weilanden,  dat ze ook nog koeien en stieren hebben! En even later zagen we de complete serie boerderijen met schapen, paarden, veel paarden en natuurlijk de Spaanse stieren. Een heel ander landschap dan het dorre landschap waar we de maanden daarvoor door heen reden. Ook vele camperplaatsen kwamen we tegen. En prachtige Haciënda’s, groot, vierkant en wit, zoals bij ons vroeger de hoeves gebouwd werden, met een grote binnenplaats.

De plek waar we onderweg naar Sevilla wilde overnachten was Barbate, een betaalde plek, €12,19 staat er op camperpunt. Op zich al een raar bedrag. Bij een haven, maar helemaal aan het einde van het dorp. De meeste ervaringen die wij bij een haven hadden zijn zeer goed geweest. Hier in Barbate wilde we echt niet staan. Je kon nergens de prijs vinden. Er was een automaat waar alleen wat Spaans op stond. Je kon zien dat er een gleuf in de automaat zat voor een pasje. Of dat een pinpas kon zijn of een speciale pas…..joost mag het weten. Er stond inderdaad een artistieke moderne tafel met afdak. Je kon water krijgen, dat moest betaald worden. Een kale open vlakte, met een slagboom. Ondanks dat er 1 camper stond zijn wij vertrokken. Nee, voor ons gevoel een troosteloze plek. We reden het terrein weer af, die overigens een hele lange laan heeft.

En reden naar ons volgende doel, toch dan maar door naar Sevilla. 

En waar we toen belandde, schrijf ik de volgende keer. 

Dat heeft zijn eigen ‘story’.

DoegieDoegie.